Tussendoortjes
Een baby heeft pas vanaf ongeveer negen maanden een tussendoortje nodig, en dan meestal één per dag. Kies fruit, groentereepjes of volle yoghurt. Koekjes en zoete tussendoortjes zijn niet nodig en bederven de eetlust voor de maaltijd.
Tussendoortjes zijn het onderdeel waar het snelst iets misgaat. Niet omdat ze slecht zijn, maar omdat ze ongemerkt de plaats van de maaltijd innemen.
Vanaf wanneer, en hoe vaak
Tot ongeveer negen maanden zijn tussendoortjes niet nodig. De melkvoeding tussen de maaltijden door is het tussendoortje.
Vanaf negen maanden meestal één per dag, tussen de lunch en het avondeten. Vanaf twaalf maanden kunnen dat er twee zijn.
Meer dan dat werkt averechts: een kind dat de hele dag door kleine beetjes eet, heeft bij de maaltijd geen honger. Dat is een van de meest voorkomende oorzaken achter "mijn kind eet niets". Zie wat je doet als je baby weinig eet.
Wat een goed tussendoortje is
- Fruit. Peer, banaan, perzik, abrikoos of meloen, in stukken die passen bij de leeftijd.
- Groentereepjes. Komkommer, geroosterde paprika, gestoomde wortel.
- Volle yoghurt naturel, eventueel met fruit erdoor.
- Een reepje brood met avocado of ricotta.
- Een stukje zachte kaas, in reepjes gesneden.
Wat het niet hoeft te zijn
- Babykoekjes. Ze bevatten suiker en leveren nauwelijks voedingsstoffen. Ze bestaan omdat ze verkopen, niet omdat een baby ze nodig heeft.
- Knijpzakjes fruit. Zuigen leert geen kauwen, en het gaat vaak sneller dan een kind zelf zou eten. Als tussendoortje onderweg af en toe prima; als vast onderdeel niet.
- Rijstwafels. Weinig voedingswaarde en relatief veel arseen.
- Vruchtensap of limonade. Water bij de maaltijd is genoeg.
Het verschil tussen honger en verveling
Een kind dat een uur na de lunch om eten vraagt, heeft meestal geen honger. Aandacht, verveling of dorst lijken er sterk op.
Bied eerst water aan, of doe iets anders. Blijft de vraag, geef dan iets kleins en houd het bij dat ene moment.
Tussendoortjes en de eetlust
Houd minstens anderhalf tot twee uur tussen een tussendoortje en de volgende maaltijd. Dat is genoeg tijd om weer honger te krijgen.
Geef het tussendoortje aan tafel, niet in de wandelwagen of voor de televisie. Een kind dat afgeleid eet, leert zijn eigen verzadiging niet herkennen.
Onderweg
Wat het goed doet zonder koeling: banaan, geschilde peer, reepjes komkommer, een stuk brood. Wat je koel houdt: yoghurt en kaas.
Let bij fruit uit de tas op de vorm. Druiven en kerstomaatjes moeten in de lengte in vieren, tot minstens vier jaar.